|
Circa vier op de vijf ambtenaren is van mening dat de overheid thuiswerken moet stimuleren. Meer thuiswerken is een maatschappelijke noodzaak, want het helpt om de filedruk en milieubelasting te verlagen. Van de ambtenaren werkt twee op de vijf wel eens thuis. Meer dan de helft (59%) werkt nooit thuis. Ruim een derde (39%) verwacht in 2015 ook nog niet thuis te werken. Ruud Janssen, onderzoeker bij Novay, stelt dat er in technisch en arbeidsrechtelijk opzicht geen obstakels zijn voor thuiswerken. De opkomst van thuiswerken wordt gehinderd door de psychologische barri?re. Ambtelijk werk steunt op vele informele afstemmomenten, en die vereisen fysieke aanwezigheid. En ook al is het voor een thuiswerker mogelijk om via een webcam, email of chatprogramma deel te nemen aan een vergadering, toch zal het gevoel ontstaan dat de verbondenheid met het werk en de collega`s ondermijnd raakt. Als redenen om niet méér thuis te werken worden genoemd dat het werk zich niet leent voor thuiswerken (42%), dat de werkgever onvoldoende voorzieningen biedt (33,5%) en dat de werkgever een weigerachtige houding heeft ten opzichte van thuiswerken (32%). De overheid hanteert een managementstijl die te veel is gericht op input en minder op output. Bron(nen): © Profnews 2009 op basis van re.Public (11-9-2009)
|